KUNSTACADEMIE ZAVENTEM
WEDSTRIJD IN HET KADER VAN DE PROCEDURE ‘SCHOLEN VAN VLAANDEREN’
-
Opdrachtgever Scholen van Vlaanderen
Locatie Zaventem
Budget 7.429.000€
Oppervlakte 4000m²
Jaar 2025-2026
Status wedstrijd ingediend
Team Maatschap ‘Bob McMaster Architecten in WONDERSTAD’
WONDERSTAD David Dhooge, Saar Meganck, Olga Salata, Ying Sun, Frances Van Wesemael, Louise Vantoest
Partners BobMcMaster Architecten
"THERE IS A CRACK IN EVERYTHING, THAT’S HOW THE LIGHT GETS IN"
Een kunstacademie vraagt om een delicate balans. Ze is tegelijk introvert en extravert, resonerend en verstillend. Ze heeft plekken nodig waar mensen zich kunnen tonen én plekken waar ze zich even kunnen verbergen om hun stem, hun kleur of hun beweging te zoeken. Het is een omgeving waar licht mag binnenvallen zonder te verblinden, waar je mag falen zonder te stagneren. Een plek waar het sociale masker even mag wijken, waar imperfectie niet moet worden weggewerkt maar net de bron vormt van authenticiteit. Die gedachte, licht als richting, ruimte als uitnodiging, architectuur als warme katalysator voor verbeelding, vormt het fundament van ons ontwerp.
EEN VERGROEND STADHART
Het dorpscentrum van Zaventem heeft met de herontwikkeling van de Suchard-site en de komst van De Factorij een nieuwe socioculturele polsslag gekregen. Wat vroeger een gefragmenteerde plek was, is nu een samenhangende ruimte waar het dorp lucht haalt. De academie en De Factorij vormen samen een groene ader die het station met de woonbuurten verbindt. We versterken dat dorpshart niet met solistische gebouwen, maar met onderdelen van één parkgeheel dat geschiedenis, buurt en cultuur in elkaar laat overvloeien.
Het park benaderen we als een open raamwerk: geen uniform parklandschap, maar een reeks plekken met een eigen karakter, onderscheiden door hun ruimtelijke kwaliteit in plaats van door een opgelegd programma. Geen dominant hoofdpad, gebruikers kiezen zelf hun traject en tempo.
VAN HET PARK NAAR DE ACADEMIESTRAAT
De voormalige bibliotheek geeft het grootste deel van haar footprint terug aan het groene netwerk. Wat blijft, wordt een parkvoorziening die het buitenauditorium herbergt: een overkapping die het podium afschermt en het geluid wegricht van de private woningen, opgebouwd uit de geïnventariseerde staalliggers van de bestaande academie, een nieuw exoskelet uit oude onderdelen. De bestaande funderingen en vloerplaat blijven liggen; het betonpuin wordt grondstof voor de nieuwe afwerking, de betonpanelen worden muurfragmenten, zitvlakken en parkmeubilair.
Vanaf het plein plooit de gevel om en leidt de academiestraat diep de site in. Langs deze lineaire ruimte liggen de meest veelzijdige en breed gebruikte ruimtes: drempelloos, open, zichtbaar, vlot te bereiken. De straat eindigt niet abrupt maar wordt opgenomen in de foyer, een overdekt straateinde dat een nieuw hoofdstuk inluidt.
VAN HET PARK NAAR DE ACADEMIESTRAAT
De voormalige bibliotheek geeft het grootste deel van haar footprint terug aan het groene netwerk. Wat blijft, wordt een parkvoorziening die het buitenauditorium herbergt: een overkapping die het podium afschermt en het geluid wegricht van de private woningen, opgebouwd uit de geïnventariseerde staalliggers van de bestaande academie, een nieuw exoskelet uit oude onderdelen. De bestaande funderingen en vloerplaat blijven liggen; het betonpuin wordt grondstof voor de nieuwe afwerking, de betonpanelen worden muurfragmenten, zitvlakken en parkmeubilair.
Vanaf het plein plooit de gevel om en leidt de academiestraat diep de site in. Langs deze lineaire ruimte liggen de meest veelzijdige en breed gebruikte ruimtes: drempelloos, open, zichtbaar, vlot te bereiken. De straat eindigt niet abrupt maar wordt opgenomen in de foyer, een overdekt straateinde dat een nieuw hoofdstuk inluidt.
EEN WINTERTUIN ALS FOYER
De inkomfoyer is een stuk overdekte straat. Een wintertuin, uitbreidbaar bij opendeurdagen of afhankelijk van het seizoen. Als poort tussen de publieke ruimte en de creatieve vrijplaats van de academie regelt ze de toegang tot de verschillende werelden erachter, beheersbaar wanneer nodig, wijd open wanneer het kan.
Doorlopende bestrating en beplanting trekken de park- en tuinsfeer mee naar binnen. Het secretariaat kijkt uit over iedereen die de academiestraat inwandelt. De grote gevels in de foyer fungeren als expowanden. De trap zet breed aan en kan met een rond bordes een hele groep aanspreken. Een nisverbreding vormt een rustige plek waar kinderen huiswerk maken of waar een publiek voor of na een voorstelling elkaar zittend opwacht. Het is de plek waar de dynamiek van alle academiedisciplines tegelijk voelbaar wordt.
TWEE VOLUMES, EXTAVERT EN INTROVERT
Het programma bevat zowel bruisende, publieksgerichte functies als meer ingetogen, academie-exclusieve ruimtes. Die spanningsboog vertaalt zich in twee volumes met elk een eigen karakter, beide toegankelijk vanuit de centrale foyer.
Het extraverte volume richt zich op het dorp: de ensembleruimte, de polyvalente lokalen voor muzikale vorming en het grote auditorium, vlak bij de foyer en met alle publieksvoorzieningen binnen handbereik. Het tuinvolume biedt rust: ateliers, danszalen en instrumentlokalen, compact gestapeld met uitzicht op de tuin die zich eromheen wikkelt. Boven een sokkel van twee bouwlagen ligt een lichte derde bovenbouw, zorgvuldig teruggetrokken om de dorpsschaal te respecteren, aan de noordzijde toont de dansafdeling zich met een ritmiek van bogen, een lichtvoetig silhouet dat vanop afstand herkenbaar wordt.
EEN TUIN DIE HET GEBOUW VORMT
Omdat de volumes zorgzaam afstand houden van de perceelsgrenzen, ontstaat rondom het gebouw ruimte voor een groene inrichting. Dat groen is geen decor maar een functionele laag: het buffert regenwater, brengt schaduw, creëert verkoeling, maakt het gebouw seizoensgevoelig en laat biodiversiteit voelbaar tot bij de academie komen. De beplanting vormt een zachte filter tussen publiek park en private tuinen, en tussen academie en woonbuurt. Binnen en buiten lopen in elkaar over zoals seizoenen dat doen: soms helder, soms subtiel, maar altijd voelbaar.
UITGEPUURD EN AANPASBAAR
Binnen de beschikbare financiële marge moet de architectuur tot haar essentie worden teruggebracht: efficiënt, helder, robuust. De vloeren rusten op herhaalde prefab betonportieken met een tussenafstand van 5,40 meter, waardoor de constructie slank blijft en de ruwbouw snel kan worden opgetrokken. Die regelmaat vertaalt zich in een gevelvlak met herhaalde maatvoeringen en zelfdragende elementen, snel wind- en waterdicht, en aanpasbaar aan toekomstige scenario's.
In het binnengebied houden we het fijnkorrelig: keramische kleinschalige elementen, met per gebouwdeel een eigen tint. Het volume aan de academiestraat krijgt een rode tint, het tuingebouw een groenige; glanzende geëmailleerde accenten spelen met het licht en reflecteren het zacht in de omgeving. Binnen wordt met betonsteeninvulwanden gewerkt, waar mogelijk ruw gelaten en op sommige plaatsen als holle akoestische sleufbetonstenen die extra geluidsabsorptie creëren. Geen valse plafonds: de technieken blijven bereikbaar.

