DE PORRE GEPORD

HERBESTEMMING VAN EEN OUDE TEXTIELSITE TOT DUURZAME WIJK MET LANDSCHAPSPARK (GENTBRUGGE, BE)

beeld WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

 
 

LAUREAAT!

In de wijk Moscou in Gentbrugge herontwikkelde sogent de voormalige spinnerij en weverij DE PORRE.
De buurt kreeg een wijkpark aan de Jules de Saint-Genoisstraat, een uitbreiding van De Sportschool en een nieuw Open Huis De Porre.
Sluitstuk van de transformatie is de realisatie van een nieuwe woonontwikkeling. Ter aanstelling van een private partner lanceerde sogent in 2017 een mededingingsprocedure met onderhandeling.
Het projectgebied omvat ondermeer een fabrieksloods met erfgoedwaarde alsook een oude brandweerkazerne. De wedstrijd werd gewonnen!

EEN VOORBEELDPROJECT VOOR DE STAD

Ons voorstel haalde de hoogste score op alle gunningscriteria, Architectuur en Stedenbouw, Duurzaamheid en Plan van Aanpak. Daarmee werd het per direct een voorbeeldproject voor de Stad Gent.

TIMING

De verkavelingsvergunning is bekomen, omgevingsaanvraag is lopende. De werf start in de zomer van 2026.

 

GESCHIEDENIS

In 1907 richtte Ernest De Porre een katoenweverij op in Gentbrugge; tussen de Jules de Saint Genoisstraat en de Peter Benoitlaan. Zo'n 20 jaar later volgde de spinnerij. De fabriek kende een eerste hoogtepunt in 1937, toen er 476 personen werkzaam waren.

De Porre was vooral gekend voor de kwaliteit van haar flanellen lakens. In de jaren 1960 bereikte De Porre een nieuw hoogtepunt door de export naar 25 landen.

Na een periode van achteruitgang werd in oktober 1980 het faillissement uitgesproken. De Stad Gent kocht het fabriekscomplex in 1982. De gebouwen gaven ondermeer onderdak aan een seniorenclub, een jeugdhuis, de brandweer, het Rode Kruis, het MIAT, zelfs carnavalsverenigingen.

In 2008 en 2009 ging sogent over tot een opruim- en verhuisbeweging, waardoor de site terug grotendeels vrij kwam. Delen van de fabriek werden selectief gesloopt.


Aan de Jules de Saint-Genoisstraat werd een wijkpark (ontwerp Vandriessche Archtecten en buro voor vrije ruimte) van ruim 10’000m² gerealiseerd. De betonnen watertoren werd gerestaureerd, evenals de stoomturbine. De stoomturbine is een vrijstaand element geworden in het park, geplaatst onder een glazen bescherming.

Ook de uitbreiding van de basisschool de Sportschool (architectuur Nero) en de bouw van het nieuwe Open Huis De Porre (architectuur TV_111) maken deel uit van de reconversie gecoördineerd door sogent.

foto archief MIAT Gent

 
 

beeld polygon

EXTRA PUBLIEKE GROENE RUIMTE ALS IDENTITEITSDRAGER

Het projectgebied is in zijn bestaande toestand (te) sterk verhard en hierdoor is de natuurwaarde ervan ook (te) beperkt.
We zijn dan ook niet vertrokken vanuit een analyse waar we wilden bouwen, maar vanuit een onderzoek waar we juist niet (meer) wilden bouwen.
We zijn gaan ontpitten, ontharden en verzachten.

Gezien de voormalige brandweerkazerne aan de Peter Benoitlaan, naar ontwerp van ir. Van De Vloet, geen erfgoedwaarde heeft en ook het beeldbepalend karakter ervan beperkt is, kiezen we ervoor het te slopen.

Het deel ten zuidwesten van het centraal erfgoedgebouw is nog de enige open ruimte met iet-of-wat vegetatie in volle grond.
We houden dit voor een belangrijk deel zo en kennen er een publiek statuut aan toe. In tegenstelling tot het sterk geprogrammeerde bestaande park, geven we de nieuwe publieke parkkamer een meer natuurlijke inrichting.
Waar het bestaande park inspeelt op de noden van de actieve bezoeker (sport en spel), vinden we in de nieuwe parkkamer eerder spelaanleidingen in het groen.

Met die complementaire inrichting diversifiëren we het aanbod.
Gezien de nieuwe publieke parkkamer een brug weet te slaan tussen de Jules de Saint-Genoisstraat en de Peter Benoitlaan, overstijgt de meerwaarde van het groen die van het projectgebied. Met uitzondering van toegankelijkheid voor de brandweerwagen, weert het ontwerp gemotoriseerd verkeer uit het binnengebied.
Het parkeren van de wagen gebeurt geclusterd ondergronds, met toegang dicht bij de Peter Benoitlaan.

Om de footprint van de kelder zo klein mogelijk te houden worden er 2 ondergrondse bouwlagen geconcipieerd.
De bewuste keuze om lokaal diep de grond in te gaan maakt het mogelijk op andere plaatsen een veerkrachtig groenontwerp te realiseren waarbij we maximaal profiteren van de ecosysteemdiensten.

We willen een buurt maken waar mensen lang kunnen blijven samenleven en elkaar écht ontmoeten.
Dit realiseren we door ons te richten op gemengde woonprofielen, door participatie en co-creatie, door aanpasbaarheid van het ontwerp, door een goede doorwaadbaarheid met voldoende verpozingsplekken en door de integratie van bedrijvigheid. Dit zal zorgen voor minder eenzaamheid, een sterkere verbondenheid en een hoger veiligheidsgevoel.



LEVENSLANG WONEN: BOUWEN EN VERBOUWEN MET OOG OP DE TOEKOMST

Sinds 2009 gaat Bis, bouw- en interieursalon i.s.m. de Vlaamse Raad van de Orde van Architecten jaarlijks op zoek naar verrassende architectuurprojecten.
In 2023 draaide alles rond ‘levenslang wonen’: een boeiend thema met een actuele en duurzame insteek. Meer dan 50 architecten dienden een kandidatuur in.
De jury stipte vier winnaars aan die architectuur slim wisten te combineren met innovatie en duurzaamheid binnen het thema levenslang wonen. Zo ook DE PORRE.

We citeren uit het juryverslag:

"(...)

Dit woonproject in Gentbrugge onderschrijft duidelijk alle basisregels in flexibiliteit en toegankelijkheid. De ruimtes zijn op eenvoudige en betaalbare wijze aan te passen. Denk maar aan niet-dragende binnenwanden, wat andere indelingen mogelijk maakt. Het project garandeert daarnaast een verhoogde toegankelijkheid voor andersvaliden en jonge moeders met buggy’s.
Met de onderschrijving van het GOLLD charter - Gentse Ontwerpen LevensLoopbestendig Design – houdt het project DE PORRE in belangrijke mate rekening met de veranderende woonbehoeften van bewoners.

Onder de winnende ontwerpen schonk dit project met voorsprong de meeste aandacht aan duurzaamheid. En dat wist de jury vast en zeker naar waarde te schatten. Zo is BIM gekoppeld aan materiaal- en/of elementen-paspoorten, om de ingezette materialen traceerbaar te maken.
Daarnaast wordt een ‘robuust klimaatadaptief ontwerp’ gecreëerd. Inspelend op het aanwezige reliëf wordt een forse blauwgroene structuur ontworpen, zowel in het privaat-collectieve als in het nieuwe publieke parkdeel. Verder is er optimaal gebruik van recuperatiewater. En zo noemt het dossier nog tal van voorbeelden die de duurzame oplossingen illustreren.

Tot slot hechtte de jury veel waarde aan de duidelijke typologieën en aan de mix van marktconforme - en budgetwoningen.

 

beeld WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

MASTERPLAN

Het realiseren van een masterplan en het plaatsen van nieuwe gebouwen in relatie tot aanwezige elementen moet zorgvuldig afgewogen worden. Als extra gebouwde objecten op het veld moeten ze boeiende ‘gesprekken’ aangaan met de aanwezige volumes én de open ruimte opdat er door de inpassing van nieuwe volumes een inspirerende meerwaarde ontstaat.

Het belang van de open ruimte, ook als sociale drager, zien we hierin als cruciaal. We vertrekken dus niet van de analyse waar we gaan bouwen, maar van een onderzoek waar we zeker niet willen bouwen.

Het vrijhouden van open ruimte en het realiseren van publiek en privaat-(collectief) landschap is immers de eerste stap in de beleving van het geheel. Op elke schaal en in elke laag moet de mens gesteund én verwonderd worden door de nieuwe compositie tussen oud en nieuw.

Om buurt en wijken aan elkaar te weven, is het reeds aanwezige Wijkpark De Porre een dankbaar landschappelijk gegeven om mee verder te gaan. We vervolledigen de groene ruimte met intensievere groene kamers die zorgen voor een continuïteit van het park en een coherente identiteit van de site.

Het nieuw gebouwde komt voor ons hierna: architectuur tussen de draden van het landschap, als een motief in een breed geweven buurtweefsel. De natuur (een maximaal biodivers landschap), de reeds aanwezige rijke geschiedenis, de sterke buurtwerking, een groene mobiliteit en vooral de mensen zelf komen eerst. Daarna komt de architectuur als bijna vanzelf, ongedwongen, niet omdat ze minder belangrijk is, integendeel, ze is de actor op het veld die de mensen uiteindelijk een kwalitatieve woonplek moet geven, het achterliggende hoofddoel. Architectuur komt spontaan ten tonele als het stof van het geweven landschap is neergedaald.

 

framework oude muren

één park

weven van de site

totaalconcept

 

beeld WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

 
 

maquette WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

beeld polygon

 

beeld WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

 

Schets van de ‘Schietspoel’ (David Dhooge, WONDERSTAD, voormalig Dhooge & Meganck Architectuur) tijdens de wedstrijd eerste fase (toen nog met brandweerweg). Door verfijning konden we vermijden dat de brandweer door het erfgoedgebouw moet rijden en konden we nog meer behouden van het erfgoedgebouw. Zo kan de Schietspoel een permanente levendige speelstraat zijn

 
 
 

IDENTITEIT: ‘WHAT’S IN A NAME"?”

Pas na het vrijwaren van extra publieke en groene ruimte, werd de architectuur uitgewerkt.

De site is historisch gezien altijd een patchwork geweest van grote bakstenen volumes en dit is op vandaag eigenlijk nog zo.
We zijn er dan ook van overtuigd dat deze plek in zekere zin vraagt om krachtige gebouwen, met elk een eigen identiteit.
De footprint van de ontworpen gebouwen en verhardingen is kleiner dan de bestaande. Ruimtelijk rendement!

De aan de gebouwen gegeven namen, knipogen naar het industrieel verleden van de site.
Niet alleen zorgt een naam of identiteit ervoor dat mensen zich beter kunnen oriënteren. Duidelijke herkenningspunten maken dat mensen zich de plek beter kunnen toe-eigenen, wat de verblijfskwaliteit bevorder

beeld WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

 

beeld polygon

REGENERATIEF

Na het sluiten van de fabrieksdeuren in 1980, werd het complex aangekocht door de Stad Gent.
De buurt kreeg een wijkpark aan de Jules de Saint-Genoisstraat, een uitbreiding van De Sportschool en een nieuw Open Huis De Porre. Het terrein en de gebouwen werden verder gebruikt door het Jeugdhuis, het MIAT, de dekenij, het Rode Kruis, carnavalsverenigingen, de brandweer en een seniorenclub.
De door sogent gecoördineerde herbestemming bracht animo en deed de buurt opleven.

Om de reeds opgebouwde levendigheid vast te houden en te stimuleren, introduceert ons projectvoorstel aanvullend aan het residentieel programma DE KNOOP: een broedplek met stedelijke dynamiek, met meerwaarde voor de lokale bewoners en bredere buurt.
DE KNOOP omvat vier ateliers en meet iets groter dan 1’000m²: niet te klein om van betekenis te kunnen zijn; niet te groot om overlast te vermijden.
Gezien locatiekeuze uitermate belangrijk is voor de levensvatbaarheid van DE KNOOP positioneren we deze op een goed zichtbare, vlot identificeerbare, toegankelijke en gastvrije plek, centraal gelegen, langs de fiets- en wandel-as, in het hart van de site.

 

CIRCULAIR: SPECIFIEKE MAATREGELEN

BEHOUD

Het ontwerp behoudt en restaureert het bakstenen erfgoedvolume met aparte traptoren en doorgang, alsook de bestaande structuur van het oostelijk deel van het gebouw. De open vloeren van de Schietspoel zijn flexibel invulbaar door de afwezigheid van dragende wanden. De structuur wordt gekenmerkt door riante overspanningen en rijkelijke vrije hoogtes. Door in de onderhandelingsfase in thematische vergaderingen in gesprek te zijn kunnen gaan met de brandweer, konden we in bafo fase een optimalisatie presenteren waar de brandweerwagen niet langer door het erfgoedgebouw diende te rijden. Hierdoor dient veel minder te worden gesloopt. Deze optimalisatie is een schoolvoorbeeld van de eerste en belangrijkste stappen “Rethink (heroverwegen)” en “Redesign (herontwerpen) van de 10R ‘prioriteitsladder’ inzake circulair bouwen. Heel wat materiaal krijgt hier een nieuw leven, zonder downgrading.

COMPACT EN ROBUUST

Het nieuw bouwvolume de Zelfkant, maakt dankbaar gebruik van de haar ter beschikking gestelde bouwhoogte ten voordele van meer groen. We weten typologieën slim te schakelen en stapelen ten dienste ruimtelijk rendement. De nieuwe footprint van gebouwen en verhardingen is kleiner dan de bestaande. Verdichten gaat hier samen met ontpitten, ontharden, verzachten.

We reiken een robuust klimaatadaptief ontwerp aan dat zich nù reeds wapent tegen veranderingen. Inspelend op het aanwezige reliëf wordt een forse blauwgroene structuur gecreëerd, zowel in het privaat collectieve deel als in het nieuw publieke parkdeel. We voorzien in natuurlijke waterretentie en maken optimaal gebruik van de sponswerking van de bodem. In aanvulling op de goede infiltratiecapaciteit, creëren we door hoogteverschillen voldoende buffercapaciteit om hevige pieken te kunnen opvangen.

We willen een buurt maken waar mensen lang kunnen blijven samenleven en elkaar écht ontmoeten. Dit realiseren we door ons te richten op gemengde woonprofielen, door participatie en co-creatie, door aanpasbaarheid van het ontwerp, door een goede doorwaadbaarheid met voldoende verpozingsplekken en door de integratie van bedrijvigheid. Dit zal zorgen voor minder eenzaamheid, een sterkere verbondenheid en een hoger veiligheidsgevoel.

 

foto David Dhooge

foto David Dhooge

 

beeld polygon

BUURTONDERSTEUNEND: DE KNOOP

In het hart van de site, vinden we een buurtondersteunende functie.

De Knoop omvat vier ateliers en meet iets groter dan 1.000m²: niet te klein om toch van betekenis te kunnen zijn; niet te groot om overlast te vermijden.

In atelier 1 zien we kansen voor stadslandbouw. In een korte keten kunnen de geteelde groenten lokaal worden geconsumeerd in de horeca (atelier 2) of verkocht in de buurtwinkel (atelier 3).

De consument krijgt verse producten, waarvan de herkomst is gekend. De producent kent zijn afnemers en krijgt een eerlijke prijs. Door de seizoensgroenten minder kilometers te laten afleggen dragen ze samen zorg voor het milieu.

We voorzien in circulaire oplossingen voor wateropvang, verwerking restafval tot compost, recuperatie van meststoffen en robuuste gewassen in slimme polyculturen.

In de strijd tegen klimaatopwarming haalt de stadslandbouw CO² uit de lucht, matigt ze het hitte-eiland-effect en vergoot ze de biodiversiteit.

Het polyvalent atelier met aanliggende buitenruimte (atelier 4) wil niet in concurrentie gaan met het reeds bestaande Open Huis De Porre, maar er een aanvulling op zijn. Het Open Huis kan wel gereserveerd worden door particulieren, verenigingen en bewonersgroepen, maar is in de basis een ontmoetingsplaats voor en door 55+. Het ‘nieuwe’ casco atelier zal invulling krijgen door co-creatie tussen de bewoners-eigenaren. Wij zien deze als een plek waar zij kunnen werken/klussen/creëren/(be)leven zowel privé als professioneel, als overdekte speelplek voor hun kinderen, … maar evenzeer als een plek die door hen kan ter beschikking gesteld worden aan de buurt, aan derden. Het atelier als multifunctioneel verlengstuk bij hun woning met een gezamenlijk beheer.

Bij de verdere uitwerking van de ateliers, willen we zoveel mogelijk een ruwbouw-afbouw aanpak promoten. Dit sluit niet alleen het best aan met de genius loci, maar spaart bovendien massa’s materiaal en financiële middelen.

Door ook de technieken in opbouw te voorzien, blijven ze bereikbaar, aanpasbaar, opsplitsbaar, uitbreidbaar en omkeerbaar.

 

maquette en foto’s WONDERSTAD (voormalig Dhooge & Meganck Architectuur)

 

PERSMOMENT BIJ SOGENT

 

BUURTINFOMOMENT

 
Vorige
Vorige

HET KEIZERSPARK

Volgende
Volgende

VLERICKPARK